It Must Be Love

Grote grijze keeshonden








Patella luxatie is het hebben van een losse knieschijf. Doordat de knieschijf te los zit, schiet hij uit zijn groeve, dit is de luxatie. Hierdoor kan de hond mank lopen, soms is dat maar 1 hupsje, of een schopje naar achter. Als dit regelmatig gebeurd rekken de banden zich op en kán er sneller artrose ontstaan.

Er zijn verschillende gradaties. Graad 1 voor als je de knieschijf nog terug kan plaatsen, of de hond doet dit zelf. De maximale graad is 4, waarbij de knieschijf volledig uit verband hangt.

PL kan een erfelijke aandoening zijn, maar ook door O-benen, omgevingsfactoren of trauma (botsing, val etc). PL is pijnlijk voor de hond

De behandeling van PL is bij elke hond anders. Er zijn meerdere manieren om de patella vast te zetten. Soms is er een operatie nodig waarbij bijv het groter maken van de groeve of de aanhechting van de knieband naar het onderbeen verplaatst wordt.

Daarnaast is het natuurlijk altijd goed om de bespiering van de hond op orde te houden. Doordat je spieren traint worden ze, in dit geval rond de knieschijf, sterker waardoor ze de knie beter in verband houden.

Primaire Hypoparathyreoïdie of PHPT

Honden (en mensen) hebben 4 bijschildklieren. Kleine klieren in de hals die het parat-hormoon (of bijschildklierhormoon) produceren. Deze reguleren de kalkconcentratie in het bloed.

Bij PHPT maken 1 of meer bijschildklieren te veel bijschildklierhormonen aan. Hierdoor stijgt de kalkspiegel in het bloed en groeit de bijschildklier. Te veel kalk in het bloed maakt het voor de nieren lastig dit uit te scheiden. Wat we dan bij de hond meestal merken is een nierprobleem.

PHPT is op zich goed te behandelen, maar bij de grote grijze keeshond is het een probleem dat er een tumor ontstaat in (één van) de bijschildklieren. De tumor moet dan operatief verwijderd worden.

De Engelse keeshonden club houdt een lijst bij van geteste honden.

Heupdysplasie (HD) is een ontwikkelingsstoornis van de heupgewrichten. Het kan erfelijk zijn, maar omgevingsfactoren spelen ook een rol bij de ontwikkeling. Een hond kan veel last hebben van HD, maar dat hoeft niet. Aan de buitenkant kun je niet zien of een hond HD heeft, dus als je hond goed kan lopen, hoeft dat nog niet te zeggen dat zijn heupen perfect zijn. Om echt te kunnen zien of je hond HD heeft, zijn (digitale) röntgenfoto’s van zijn heupen nodig.

Een indicatie voor de kwaliteit van de heupgewrichten is de zogenaamde "Norbergwaarde". Hoe hoger de Norbergwaarde, hoe dieper de kop van het bovenbeen in de kom van de heup zit. Als de kop diep in de kom zit, dan zit dat vaak goed stevig en is er minder kans op botwoekeringen en andere problemen. Bij een normaal heupgewricht ligt de Norbergwaarde vaak tussen de 30 en 40. Een hond met een lage Norbergwaarde heeft ondiepe heupkommen en/of een slechte aansluiting van de gewrichtsdelen en kan vaak niet meer de hoogste score (A) halen, in uitzonderlijke gevallen zijn de heupen toch van voldoende kwaliteit dat er een HD A kan worden toegekend.

Een normale of zelfs hoge Norbergwaarde betekent helaas niet zonder meer dat de betreffende hond goede heupgewrichten heeft. De uiteindelijke HD-beoordeling is namelijk ook van meerdere factoren afhankelijk, zoals de aansluiting van de gewrichtsdelen en eventuele botafwijkingen. Er is een rechtstreekse koppeling tussen de ernst van de botafwijkingen en de uitslag: zeer lichte botafwijkingen (1) leiden tot de beoordeling HD B, lichte botafwijkingen (2) leiden tot de beoordeling HD C, en ernstige botafwijkingen (3) leiden tot de beoordeling HD D.

Er kan ook sprake zijn van "vormveranderingen". Meestal gaat het dan om een afvlakking van de voorste rand van de heupkom. De aanwezigheid hiervan wordt wel vermeld, maar heeft in het algemeen geen doorslaggevende betekenis voor de einduitslag.

Er zijn verschillende FCI-einduitslagen mogelijk:

HD A (=negatief): je hond is op basis van de röntgenfoto vrij van HD; dit betekent niet dat je hond geen "drager" van de afwijking kan zijn.

HD B (=overgangsvorm): op de foto’s zijn kleine veranderingen zichtbaar die het gevolg zijn van heupdysplasie.

HD C (=licht positief) of HD D (=positief): je hond laat duidelijke veranderingen zien die passen in het ziektebeeld van HD.

HD E (=positief in optima forma): de heupgewrichten zijn ernstig misvormd.

Houd er rekening mee dat een HD A uitslag niet betekent dat je hond nooit last zal krijgen van HD. Omgekeerd betekenen duidelijke misvormingen ook niet dat de hond er beslist last van zal krijgen. Het is wel verstandig om er op te letten dat je (de heupgewrichten van) je hond niet te zwaar belast. In geval van twijfel kun je dit met je dierenarts bespreken

Elleboogdysplasie (ED) is een ontwikkelingsstoornis van met name het kraakbeen in de gewrichten. Het kan erfelijk zijn, maar omgevingsfactoren dragen vaak ook bij aan het ontstaan van deze aandoening. Sommige honden kunnen op jonge leeftijd al ernstige problemen ondervinden door ED. Bij andere honden leiden ernstige misvormingen in het gewricht pas op latere leeftijd tot kreupelheid. Om echt te kunnen zien of je hond ED heeft, zijn (digitale) röntgenfoto’s van zijn gewrichten nodig. Het ED-onderzoek richt zich op vier verschillende aandoeningen van het ellebooggewricht. Al deze aandoeningen kunnen leiden tot misvormingen in het gewricht en kreupelheid.

We spreken over ED als een van de volgende aandoeningen in een ellebooggewricht aanwezig is:

OCD (Osteochondritis dissecans): het loslaten van een stukje kraakbeen van de bovenarm.

LPC (Los processus coronoïdeus): het loslaten van een stukje bot van de ellepijp.

LPA (Los processus anconeus): het loslaten van een stukje bot op een andere plaats van de ellepijp.

Incongruentie: een niet goed "passend" gewricht door een te lange of te korte ellepijp ten opzichte van het spaakbeen.

Er kan ook sprake zijn van een meerdere aandoeningen in een gewricht.

Ieder van de genoemde afwijkingen leidt na enkele maanden tot artrose. Atrose kenmerkt zich door:

Veranderingen van het gewricht (botreactie's) die in de loop van het ziekteproces kunnen ontstaan.

Het blijvende karakter van de veranderingen. Startpijn: kreupele stappen net na het opstaan. 'Er doorheen lopen': beter lopen na enige tijd. Een terugval na veel inspanning.

Bij het vaststellen volgen we de normen van de "International Elbow Working Group". Het slechtste gewricht bepaalt de einduitslag.

Er zijn verschillende uitslagen mogelijk: Vrij, Graad 1, Graad 2 en Graad 3.

In die gevallen waarin ras- of projectspecifieke bepalingen van toepassing zijn, zal het panel - als dat mogelijk is - ook een uitspraak doen over het achterliggende ziekteproces.

Het is op grond van de foto’s niet mogelijk om te voorspellen of honden die niet vrij blijken te zijn van elleboogdysplasie, maar die hiervan geen uiterlijke verschijnselen tonen, later problemen zullen krijgen. Dit is afhankelijk van de aard en de ernst van de aandoening en het gebruik en de aard van de individuele hond.

Laat de hond niet te zwaar worden en vermijd ook anderszins overmatige belasting van de ellebogen als dat mogelijk is.